Tussentoestanden in Jezus’ woorden

Wanneer we in de hemel niet mogen lachen, wil ik er niet naar toe“, schijnt Maarten Luther ooit gezegd te hebben. Achter de opmerking van deze grote Reformator gaan allerlei vragen schuil over het leven naar dit leven. Velen vragen zich af hoe het er zal zijn en ook vele verschillende beelden worden gecreëerd. Neem bijvoorbeeld reclames van Philadelphia en Nespresso (1) van enkele jaren geleden, waarin de plek op de wolken na dit leven wordt uitgebeeld.

Ideeën over het hiernamaals hebben mij altijd beziggehouden, deels theologisch, deels vanuit persoonlijke interesse. Daarom heb ik aan het einde van mijn studie de mogelijkheid aangegrepen om één van de meest intrigerende verhalen over het leven hierna vanuit de Bijbel eens wat nader te bestuderen. Ik heb het dan over Lucas 16:19-31, ook wel bekend als het verhaal van de rijke man en de arme Lazarus. Ik heb me verdiept in dit verhaal vanuit de vraag wat deze Bijbeltekst ons te zeggen heeft over het leven na dit leven. Het is een lang essay geworden, een echte theologische uiteenzetting. Wie er in geïnteresseerd is, kan het stuk hier downloaden. Snel op zoek naar de conclusie? Hieronder staat hij:

Waar Alcorn op basis van Lucas 16:19-31 verregaande uitspraken doet over de zogenaamde ‘intermediate state’ na dit aardse leven en het laatste oordeel, wil ik op basis van dit essay hier nuance in aanbrengen. Hierboven ben ik tot de conclusie gekomen dat we deze passage moeten beschouwen als een gelijkenis en niet als een echt verhaal zoals Alcorn dit heeft voorgesteld.

Daarnaast is het onwaarschijnlijk dat Lazarus verwijst naar een persoon die echt heeft geleefd op deze aarde. Zijn naamgeving is eerder een verwijzing naar de betekenis van zijn naam, die al een voorafschaduwing is van zijn lot na zijn aardse leven.

Tenslotte stel ik dat Jezus met deze gelijkenis aansluit bij de heersende gedachte dat er voorafgaand aan het laatste oordeel een fase is waarin gestorven mensen zich bevinden op een plek waar ze zich bewust zijn van zichzelf. Aangezien het een gelijkenis is, is het onmogelijk om alle details die in het verhaal voorkomen te zien als werkelijkheid. Alcorn gaat te ver door te stellen dat de mensen in het hiernamaals dezelfde mens zijn zoals ze op aarde waren. Ook het idee van communicatie tussen de rijke man en Lazarus en het liggen in de schoot van Abraham hoeven geen werkelijkheid te zijn.

Kortom, Jezus vertelt in Lucas 16:19-31 een gelijkenis waarin hij zijn lezers met behulp van de heersende gedachte[1] over Hades zijn boodschap wil doorgeven. Deze boodschap valt mogelijk in verschillende boodschappen uiteen, zoals de waarschuwing dat een levensstijl die niet past bij wat God zijn volk in de Tora heeft geleerd gevolgen heeft na de dood, mensen niet in Gods Messias zullen geloven ondanks het feit dat hij uit de dood zal opstaan en dat Gods oordeel een mate van onherroepelijkheid heeft[2].



[1] Of één van de mogelijkheden binnen het spectrum over Hades in die tijd.

[2] In dit essay is het niet mijn bedoeling de boodschap van de tekst te bepalen, maar vooral om antwoord te geven op de gestelde vraag in de inleiding. Er is dus nog veel nuance mogelijk op de door mij voorgestelde boodschappen van de gelijkenis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *